25-06-08

Universele Waalse kunst in Bozar.

In Bozar loopt momenteel de tentoonstelling "Dat verrassende land. Kunstschatten uit Wallonië van vroeger en nu." De tentoonstelling is geen pleidooi voor de unieke kwaliteiten van de Waalse kunst. Het is eerder een poging om oude religieuze beelden een nieuwe betekenis te geven voor een hedendaags publiek.

De tentoonstelling opent sterk, en toont meteen wat je verder mag verwachten. Een grote foto van een gesluierde moslima met haar man en kind in de straten van Brussel hangt er naast een Christusbeeld. De foto is van de hedendaagse Zwitserse Brusselaar Beat Streuli, de Christus is een beeld uit de dertiende eeuw. Het oude beeld dient de religie, het hedendaagse toont religie. Beter kan je de veranderde verhouding tussen kunst en religie niet tonen. Deze expo wil die kloof overbruggen.

Laurent Busine is de curator van deze tentoonstelling en directeur van Le Grand Hornu ( MAC's ), het Waalse museum voor hedendaagse kunst. Een lofzang op het unieke karakter van het Waalse erfgoed hoef je van hem niet te verwachten. Busine: "Het gebied dat Wallonië wordt genoemd, is uitzonderlijker noch onbeduidender dan gelijk welke andere streek. Ik koester het grootste wantrouwen jegens mensen die prat gaan op de eigenheid van de traditie waarin ze toevallig zijn geboren, en wars zijn van vreemde elementen. Konijnenkwekers en verantwoordelijken van culturele instellingen weten maar al te goed dat er bij gebrek aan een regelmatige inbreng van buitenaf onvermijdelijk ontaarding optreedt."

De zoektocht naar wat mensen bindt, los van tijd en ruimte, boeit Busine veel meer. Daarnaar zoekt hij ook in deze tentoonstelling. Geboorte, dood, lijden, migratie, moederliefde, religiositeit, het zijn tijdloze menselijke ervaringen die steeds weer het thema zijn van de kunstenaar. Busine:"Door de eeuwen heen laten alleen kunstenaars sporen na waarop je kan bouwen. Want al zijn ze uniek, persoonlijk en aangrijpend, ze zijn ook universeel. Precies in het punt waar ze u en ik raken."

Al in het eerder genoemde openingsbeeld vind je die zoektocht naar universele elementen. Alle thema's van de tentoonstelling komen er in samen. De kloof tussen verschillende tijdperken - en terloops ook tussen verschillende religies- wordt opgeheven. Dat uitgangspunt levert soms sterke confrontaties op tussen oud en nieuw werk. Bijzonder geslaagd is een zaal gewijd aan de dood. Je vindt er middeleeuwse beelden: een borstbeeld van een onthoofde ridder met zijn schedel onder de arm en de schitterende graftombe van de klampenman. In dezelfde zaal vind je een foto van de hedendaagse kunstenares Orla Barry van een jong meisje in een pose die aan de klampenman doet denken.

Een andere geslaagde confrontatie is die tussen middeleeuwse en hedendaagse kruisbeelden. De oude verleiden door de rijkdom van goud en edelstenen, de hedendaagse blinken uit in soberheid. De kunstenaar, Jean-Pol Godard, gebruikt dan ook wrakhout voor zijn beelden.

Helaas lukt dit niet altijd even goed. Zo hangt een nochtans prachtig werk van alweer Orla Barry plompverloren tussen werk van Joachim Patinir, mariabeelden en dode vogels van Juan Paparella. Het werk van Barry, Juliette's Birth, toont twee foto's van hetzelfde meisje naast een borduurwerk ter ere van haar geboorte, maar dan met een verschil van tien jaar tussen beide foto's. Dit sluit aan bij andere beelden in andere zalen maar is hier out of place. Hetzelfde geldt voor het andere werk. De foto's van dode vogels verwijzen op hun beurt naar beelden op andere plaatsen, maar hebben niet hetzelfde thema als Barry of Vlucht uit Egypte van Patinir. De verhaallijnen van de tentoonstelling lopen hier zo sterk door elkaar dat je vruchteloos zoekt naar diezelfde bindende kracht die elders zo knappe resultaten oplevert.

Op andere momenten verzuipt het individuele werk in een overvolle zaal. In die overdaad verliest het werk haar individuele waarde, en gun je het niet meer dan een vluchtige blik. In een zaal vol smeedwerk, relikwiehouders, schrijnen of heiligenbeelden lijkt alles algauw meer van hetzelfde.

Op de beste momenten slaagt deze tentoonstelling erin religieuze kunst nieuw leven in te blazen en bij de hedendaagse toeschouwer interesse op te wekken voor beelden uit een tijd die niets meer met de onze gemeen lijkt te hebben. Hierin schuilt de grootste verdienste van Busine. Hij weet zo poëzie te ontlokken aan soms niet eens zo uitzonderlijke voorwerpen van een lang vervlogen devote volkskunst. Zo is er de wat vreemde reliekhouder voor de melk van de Maagd Maria. In een andere context zou dit algauw een lacherige opmerking over die rare Middeleeuwers ontlokken, nu wordt je verbluft door de kracht van hun devotie.

Hoewel deze tentoonstelling dus niet volledig weet te overtuigen, kunnen de sterke momenten een bezoek meer dan verantwoorden. Bovendien hoef je geen liefhebber te zijn van religieuze kunst om deze tentoonstelling te kunnen smaken. Dat op zich is al verrassend. (TA)

De commentaren zijn gesloten.