22-12-07

Josafat-Schaarbeek: en bron van ergernis en liefde

De Josafatwijk in laag Schaarbeek is niet voor halfslachtigen, je houdt ervan of niet. Alleen wie hier op elk moment weer weg kan, kan zich een meer genuanceerde kijk veroorloven. Voor wie hier vastzit uit noodzaak of verknochtheid, blijft laag Schaarbeek een bron van ergernis en liefde.

De Josafatwijk dankt zijn naam aan een Brusselse edelman die in 1575  terugkwam van een pelgrimstocht en die de schoonheid van de Schaarbeekse vallei vergeleek met die van de Josafatvallei nabij Jerusalem. Die schoonheid is nu nog terug te vinden in de beek, de weiden en de bron van de Liefde die sinds 1904 in het ontwerp van het Josafatpark bewaard zijn gebleven. Het dorpje Schaarbeek is ondertussen uitgegroeid tot een drukke gemeente met eenzelfde aantal inwoners als Leuven, studenten incluis. Josafat-Schaarbeek is maar een stukje hiervan. Stel dat de wijk een vierkante kilometer groot is, dan komt ze qua inwoners overeen met Haacht.  

Op de Rogierlaan overheerst de kassei die een authentieke toets aan het straatbeeld moet geven. Minder authentiek zijn echter de auto’s die er ‘s nacht tegen honderd per uur over razen. Als verbindingsweg tussen Meiser en centrum leent de Rogierlaan zich uitstekend voor sluipverkeer. Terwijl de kasseien elk sociaal verkeer onmogelijk maken, speelt zich in de kleine straten langs de josafatstraat een levendiger tafereel af. De kinderen spelen er gewoon op straat en de mannen bespreken de politiek vanuit het deurgat. De mensen zijn zeer verscheiden, maar het zijn de Marokkanen en de Turken die met hun vlees-, vis- en groentenhandels het meest in het oog springen. In de laatste decennia hebben de goedkope handeltjes de plaats ingenomen van de voormalige chiquere handelzaken langsheen de burgerlijke Rogierlaan. De Italiaanse en Griekse delicatessenzaken en de grote chocolatier zijn weg en ook de Limburgse en West-Vlaamse patissiers hebben winstgevender oorden opgezocht. De Franse beenhouwer hield het vorig jaar voor bekeken. Het is nu wachten op de Poolse immigratie voor de terugkeer van het varkensvlees. Met hun heerlijke kebabs, pides en darmensoep, met in de zomer barbecue op straat, compenseren de Turken dat ruimschoots. Maar de verdwenen viennoiseries en vlaaien zorgen voor een groot gemis. 

Wanneer Sainte-Marie la Sagesse, de jongensschool van de nonnen in de haachtsesteenweg, ’s avonds de deuren opent, loopt de bonte toekomst van Brussel je tegemoet. Een bende hyperkinetische jongens van zeer verscheiden herkomst. Alle ouders hebben echter dezelfde eenvoudige ambities en angsten: dat de kinderen op het goede pad blijven en dat ze een betere toekomst vinden. Maar dat kan alleen als ze erin slagen om het opleidingsniveau in de buurt gevoelig op te krikken. In de buurt heeft 40% van de bewoners slechts een diploma van het lager secundair onderwijs of het beroepsonderwijs op zak. Als je dan bedenkt dat 65% van de werklozen in Brussel ten hoogste een diploma van lager secundair onderwijs heeft, geeft dat weinig vooruitzichten voor een bevolking die op de arbeidsmarkt met ernstige discriminatie te kampen heeft.

De armoede is haast tastbaar: voor de Aldi en de Albanese moskee zitten geregeld mensen geknield te bedelen. Buitengezette vuilbakken worden binnenstebuiten gekeerd op zoek naar bruikbaars. Volgens het observatorium voor gezondheid en welzijn leven heel wat buurtbewoners in armoede. Een op de vijf actieve mensen tussen 18 en 65 leeft van het leefloon of van een werkloosheids- of invaliditeitsuitkering. Het bruto mediane inkomen per aangifte is lager dan 15.000 euro. In contrast met die armoede duiken in het straatbeeld steeds meer gerenoveerde woningen op. Voor een bepaalde hoger opgeleide klasse staat het chic om in een van de prachtige herenhuizen te wonen. Die pareltjes doorstaan de tijd wonderwel. 

De samenleving daarentegen verandert hier aan een razendsnel tempo. De Turkse migranten hebben amper de tijd gehad om hun handelswijk uit te bouwen, of hier staat alweer een nieuwe generatie Polen en Bulgaren te wachten. De mensen die het gemaakt hebben, gaan in rustigere wijken wonen. Wie het geld niet heeft om te vertrekken of wie verknocht is aan Schaarbeek, blijft om deel te nemen aan een groots sociaal experiment. Een bron van ergernis en liefde. 

 Observatorium voor gezondheid en welzijn
Actiris:
www.actiris.be (voormalige BGDA)

17:09 Gepost door Student in Mijn gemeente | Permalink | Commentaren (0) | Tags: sarah delafortrie |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.