23-11-07

De articulatiekracht van de media: ze zijn zich van geen kwaad bewust…

Wie bekruipt soms niet het gevoel bij het bekijken van een interview over de actualiteit dat de geïnterviewde een beklaagde is van wie de interviewers nog een laatste bekentenis proberen af te dwingen. Met de teneur van hun vragen slagen de nieuwsmakers er bijzonder goed in een bepaald beeld van de geïnterviewde neer te zetten. Als dat beeld later onjuist blijkt te zijn, is het enkel de geïnterviewde die met de gevolgen zit. De interviewers niet, zij zijn zich van geen kwaad bewust.  

Persvrijheid is een universele waarde die nodig is om maatschappelijke ontwikkelingen te duiden en de democratische instellingen van machtsmisbruik te vrijwaren. Maar terwijl de media vasthouden aan het idee dat ze zich buiten de machtsarena bevinden, dragen ze een grote maatschappelijke verantwoordelijkheid waar ze geen verantwoording voor afleggen. 

Zijn de McCanns schuldig of niet? 

Gerechtelijke dossiers zijn in dit opzicht vaak het pijnlijkst. Wie herinnert zich de verpleger die in de zaak Nathalie Geijsbregts opgevoerd werd als verdachte van moord. Tot bleek dat hij met de zaak niets te maken had. Of de zaak Nihoul die de spil was in een duivels complot en uiteindelijk enkel voor XTC-handel is veroordeeld. Hun proces was al in de media gemaakt nog voor er een gerechtelijke uitspraak kwam. Zoals de opinion-poll op de website van een kwaliteitskrant ons vroeg: Zijn de Mc Canns schuldig of niet?


Perceptie en de rol van de media
 

3192536478
Ook interviews met politici neigen naar stemmingmakerij. Het zit hem vaak in de wijze van vragen stellen. Neem nu het interview met Patrick Dewael in Keien van de Wetstraat. De politicus moet het opnemen tegen twee interviewers die beurt om beurt verantwoording eisen voor daden, uitspraken, in verleden en toekomst, publiek en privé... Op een vraag of liberalisme terecht verward wordt met het ieder-voor-zich streven, antwoordt Patrick Dewael duidelijk dat het individualisme waar Open VLD voor staat niets van doen heeft met egoïsme. Waarna Ivan De Vadder in een volgende vraag zegt, om op dat egoïsme terug te komen. Tja, die perceptie… je vraagt je af hoe die ontstaat.

Moet een minister aftreden omwille van zijn perceptie? 

Vervolgens vragen Kathleen Cools en Ivan De Vadder naar zijn politieke verantwoordelijkheid, waarmee ze impliciet de zaak Erdal en zijn weigering om ontslag te nemen op de korrel nemen. De minister legt uit dat hij in die zaak  enkel een communicatiefout en geen beleidsfout beging omdat hij geen wettelijke grond had om Erdal gevangen te zetten. Een valabel argument in onze rechtsstaat. Bon, maar als er dan geen feitelijke grond was, is perceptie dan geen grond voor ontslag, vraagt De Vadder nog. Als Dewael dan omzichtig de media op hun verantwoordelijkheid voor die perceptie wijst, wrijft De Vadder hem lichtgeraaktheid aan. Je zou voor minder lichtgeraakt zijn. 

" U schijnt me niet te geloven, mevrouw" zei Freddy Thielemans tegen Katleen Cools nadat hij driemaal dezelfde vraag had beantwoord.thielemans  

Interviewers leggen accenten, subtiel en haast onnoembaar. Maar de toon is duidelijk: ze liegen. ‘Mevrouw, u schijnt me niet te geloven?’ zei burgemeester Freddy Thielemans in Terzake tegen Kathleen Cools, nadat hij zijn motivatie om de anti-islam manifestatie in Brussel te verbieden al driemaal had toegelicht. Leugenaars en zakkenvullers… Is dat dan echt het beeld dat media van politici willen geven? Verdachten die zonder gerechtelijke bewijsvoering schuldig zijn. Als bijdrage aan de democratie kan dat tellen.

Maken de media dan misbruik van hun macht? Als dat zo is impliceert dat dat ze maar al te goed beseffen, waar ze met die macht naartoe willen. Alleen ze hebben geen verantwoordelijkheid, ze zijn zich van geen kwaad bewust.

De commentaren zijn gesloten.