19-11-07

Misbruikt de pers haar articulatiekracht?

De pers mag alles belichten, melden, onthullen, becommentariëren en interpreteren, in alle vrijheid en zonder onderscheid des persoons, mits inachtneming van een aantal spelregels, noem het deontologie. Eén: presenteer appreciaties niet als feiten. Erken je subjectiviteit en verschuil je niet achter een masker van neutraliteit, of achter de publieke opinie. Ik heb een hekel aan journalisten die zich uitgeven voor de vertolker van de 'stem des volks' of 'luidop zeggen wat iedereen denkt'. Twee: zorg dat de feiten kloppen. Beschuldigingen maak je hard of je zwijgt en zoekt verder. Ik baal van journalistiek die aaneenhangt van insinuaties en suggesties. Stukjes die onder het mom van lichtheid een loopje nemen met de deontologie irriteren mij. Reportages die lustig complotscenario's uittekenen op basis van vage aanwijzingen van mogelijke verbanden tussen personen of feiten zijn verfoeilijk. ( Vaak werkt het zo: creëer een verdachte sfeer rond persoon A, link die dan met persoon B- die zonder verder argumentatie op basis van die link dan ook maar verdacht is-, verbindt deze 'onderwereld' vervolgens met de bovenwereld, en je indringende reportage is klaar. ). Drie: speel niet voor rechter en aanklager. Laat ruimte voor woord en wederwoord. Uitstel van oordeel is een mooie deugd.

Misbruik van articulatiekracht is dus mogelijk en ondergraaft de geloofwaardigheid van de pers. Dergelijke journalistiek is nestbevuiling waartegen de pers zichzelf moet beschermen. Het betaamt dan niet om als een gesloten klasse de rangen te sluiten en de gebeten hond te spelen. Zelfregulering is goed, maar onvoldoende. De pers moet aanvaarden dat ook externen hen ter verantwoording roepen.

Timothy Anthonis

De commentaren zijn gesloten.